(1) Vele boeken, een verhaal (2) Bewijsstuk #5: het plan van verlossing
(3) Het probleem van zonde  (4) Dierenoffers in het Oude Testament 
(5) Jezus, het Lam van God  (6) Samenvatting en conclusies 
   

4. Eenheid van de Bijbel:
Het plan van verlossing (4)

Het offeren van dieren in het Oude Testament

Dankzij God’s liefde kan de prijs door een vervanger worden betaald

Gelukkig houdt God van Zijn schepping en besloot hij, alhoewel dit niet was verdiend, te helpen met het betalen van deze prijs. Dit wordt ook gratie genoemd (God geeft ons iets wat we niet verdienen). Hij toonde Zijn genade (God geeft ons niet wat we wel verdienen – dood). Wij verdienen God’s gerechtigheid maar we ontvangen God’s genade/ Hoe werd Zijn genade getoond? – door bloed.

Je zou kunnen zeggen dat als je in de Bijbel knijpt dat het bloed eruit komt druipen. De Bijbel is bloedig vanwege het probleem en de prijs van zonde. God, door Zijn liefde en Zijn genade, staat toe dat de prijs van het leven door een onschuldige vervanger betaald kan worden. Dit was het doel van het offeren van dieren zoals dat werd ingesteld in het Oude Testament. God toonde Zijn genade door toe te staan dat een dier de prijs van de dood verschuldigd door de zondaar kon betalen.

God maakte een bepaling (of verzoening) dat de gerechtelijke prijs voor zonde door een dier betaald kon worden. Dit is beschreven in Leviticus 17:11 (nadruk toegevoegd): “Want de ziel van het vlees is in het bloed; daarom heb Ik het u op het altaar gegeven, om over uw zielen verzoening te doen; want het is het bloed, dat voor de ziel verzoening zal doen.” Het leven van het dier verzoent voor (letterlijk “bedekt”) of wast schoon de zonden van de zondaar. Op deze wijze sterft de zondaar, gerepresenteerd door het dier als zijn vervanger. Wat was het gevolg? Het verwijderen van zonde. In Leviticus 16:30 bijvoorbeeld wordt dit gevolg beschreven zoals het plaats vond op de “Dag van Verzoening” (het jaarlijks offeren van dieren): “Want op dien dag zal hij voor u verzoening doen, om u te reinigen; van al uw zonden zult gij voor het aangezicht des HEEREN gereinigd worden” (nadruk toegevoegd).

Waarom een dier? Het dier was zonder zonde, daardoor was het gekwalificeerd om een vervanger voor de schuldige zondaar te zijn. Een dier was echter onschuldig aan zonde omdat het amoreel is, het kan niet zondigen. Als een dier zou kunnen zondigen zou het verantwoordelijk zijn geweest voor zijn eigen zonde. Zondeloosheid was voor een representatieve of vervangende dood van de zondaar.

Zoals figuur 25-1 laat zien, was het alsof de zonde van de zondaar op een of andere wijze werd getransporteerd naar het onschuldige lam. We noemen dit figuurlijk omdat het lam zelf geen ziel heeft die kon zondigen en als gevolg daarvan niet feitelijk of letterlijk zonde kon dragen. Dit figuurlijk dragen van zonde door een lam wordt beschreven in de instructies over de zondebok (zie Leviticus 16:21). Het lam werd dan op het altaar geofferd. Als het lam stierf, stierf het representatief, ofwel als een vervanger, voor de zondaar. Op deze wijze wordt de zondaar beschouwd voor de zonde gestorven te zijn. En als een gevolg zijn de zonden van de zondaar verwijderd. Het resultaat is heiligmaking (heilig gemaakt worden – “schoon van zonde”). En als gevolg van het heilig gemaakt worden, kan de relatie met een heilige God nu hersteld worden.  

Dierenoffers in de Bijbel

Figuur 25-1: Dierenoffers in de Bijbel

Nadat Adam en Eva the eerste zonde begingen in Genesis 3:1-8, “werden hun beider ogen geopend.” Ze waren zich nu van hun zonde bewust en realiseerden zich dat ze naakt waren en maakten kleren van vijgenbladen. Vervolgens verborgen zijn zich voor God. Ze wisten dat ze Zijn wetten hadden overtreden en wat de straf zou zijn! Dan lezen we in Genesis 3:21 een intrigerende tekst: “En de HEERE God maakte voor Adam en zijn vrouw rokken van vellen, en toog ze hun aan.” Klaarblijkelijk werden er een of meerdere dieren gedood om hun kleren te maken. De feitelijke dood van een paar dieren vond plaats en Adam en Eva bleven in leven! Hoewel dit verslag niet was geschreven om God’s plan van verlossing uit te leggen is het consistent met het nemen van leven om voor zonde te betalen door een vervangende dood van de dieren. De basis elementen van het plan van verlossing zijn allemaal aanwezig bij het optreden van de eerste zonde (de zondeval) in het Hof van Eden.

Dit is de doelstelling van God’s ongelooflijke plan van verlossing – het verwijderen van zonde zodat de relatie met een heilige God hersteld kan worden. Door zonde te verwijderen kan de zondaar heilig gemaakt worden (heiligmaking). Als een gevolg van het heiligmaken is de boete of prijs van de dood betaald en verwijderd (gerechtigheid), worden we rechtvaardig verklaard en is onze spirituele relatie met een heilige God hersteld.

Geen daden of bijgeloof

God is geen God van woede en lust voor bloed. Hij heeft geen bloed nodig om een bijgelovige dorst voor bloed te stillen. In tegendeel, het proces van bloed verzoening toont aan de mensheid het belang van Zijn heiligheid en hoe ernstig zonde is. Bloed (dat het leven representeert) is het enige dat de prijs voor zonde kan betalen (Hebreeën 9:22) – geen goede daden, goede religie, goede morele waarden of goede bedoelingen!

Een van de belangrijkste observaties die we kunnen maken over het offeren van dieren is, dat de waarde ervan bepaald wordt door het geloof van de gelovigen. Het dier moest gedood worden – het was niet voldoende om gewoon in het offeren van dieren te geloven of om het als bijgeloof te behandelen (Hebreeën 9:22). Als het dier was geofferd hoefde er verder niets meer gedaan te worden om het verwijderen van de zonde te verdienen. Het doden van het dier was de methode waarmee de gift van het verwijderen van de zonde werd geaccepteerd, door de belofte van God dat zonde zou worden verwijderd door deze daad van geloof. Door het doden van het dier werd God’s gift van het herstellen van de spirituele relatie geaccepteerd.

Het offeren van dieren in het Oude Testament

Zodra het belang van de rol van het offeren van dieren (bloedverzoening) goed wordt begrepen, zien we onmiddellijk hoe dit door de gehele Oude Testament periode werd uitgevoerd – van het Hof van Eden, gedurende de periode van de aartsvaderen (Abraham – Isaac – Jacob) tot aan de Wet van Mozes.

Kort na de zonde van Adam en Eva in het Hof en vervolgens de dood van de dieren volgt onmiddellijk het verhaal van Kaďn en Abel. Het gehele verhaal van Kaďn en Abel voltrekt zich rondom de offergewoontes. In Genesis 4:1-5 lezen we hoe zowel Abel and Kaďn een offer aan God aanboden, maar het offer van Kaďn werd afgewezen. Heb je je ooit afgevraagd waarom? Hebreeën 11:4 vertelt ons waarom: “Door het geloof heeft Abel een meerdere offerande Gode geofferd dan Kain.” Eenvoudig gezegd, Abel deed wat God hem had opgedragen en Kaďn deed dit niet. Iets “door het geloof” doen, betekent dat dit gebeurt op basis van de instructies van God (Romeinen 10:17: “ Zo is dan het geloof uit het gehoor, en het gehoor door het Woord Gods”). Kaďn offerde geen dier (zoals Abel) maar vruchten van het land. Dat is niet wat God had geďnstrueerd. Dat is wederom consistent met het plan van verlossing dat alleen een offerande van leven = bloed kan voldoen. Merk op dat er in Genesis geen enkel woord is geschreven dat specifiek de instelling of voorwaarden van het offersysteem beschrijft.

De vroegste boeken in het Oude Testament zijn voornamelijk geschiedenisboeken. Zij behandelen het offeren van dieren vanuit het gezichtspunt dat dit een systeem is dat reeds begrepen werd en het wordt slechts als historisch feit vermeld. Met andere woorden, deze boeken vermelden de gewoonte van het offeren van dieren als iets dat de lezer reeds geheel begreep. Deze boeken waren niet geschreven om dit systeem uit te leggen.

Gedurende de periode van de aartsvaderen zien we dat ook Job dieren offerde voor de zonden van zijn familie (zie Job 1:5). Later zien we ook de beroemde test van Abraham, waar God hem vraag zijn zoon, Isaac, te offeren (Genesis 22:1-13). Abraham wil doen wat hem wordt gevraagd, maar God redt Isaac en vervangt hem door een ram.[1]

De Wet van Mozes geeft ons echter een gedetailleerde beschrijving van de voorwaarden voor het offeren van dieren, met de expliciete vermelding dat het een perfect, ongeschonden (“volkomen” on “onbevlekt”) dier zonder gebreken moet zijn (Leviticus 22:21-27). Alleen mannelijke dieren zijn acceptabel (Leviticus 22:19). Merk ook op dat de Heer de eerstgeborene uit elke baarmoeder opeist. Exodus 34:19-20: “Al wat de baarmoeder opent, is Mijn; ja, al uw vee, dat mannelijk zal geboren worden, openende de baarmoeder van het grote en kleine vee…Al de eerstgeborenen uwer zonen zult gij lossen.” In Numeri 3:40-51 zien we zelfs een beschrijving van hoe God de Levieten toestond om alle eerstgeboren zonen van Israël te verlossen.  

Lees door over: (5) Jezus, het Lam van God 


 

Windmill Ministries - Christelijke Apologetiek - Geloofsverdediging  voor het Christendom
Home - Sitemap - Over Ons - Steun Ons - Neem Contact Op - Copyright - Boeken - DVDs

Vertel een vriend over deze pagina: 

SIP's Top Christian Books Sites - Free Traffic Sharing Service! JCSM''s Top 1000 Christian Sites - Free Traffic Sharing Service! Top Christian Web Sites The Fundamental Top 500