Het verschil tussen de Katholieke en Protestante kerkenDe Rooms
Katholieke Kerk is veruit de grootste stroming binnen het
Christendom, met meer dan een miljard gelovigen omvat dit ongeveer
de helft van alle Christenen wereldwijd. Dit boek is
uiteraard niet geschreven om alle doctrines en onderwijzingen van de
Rooms Katholieke Kerk in detail te onderzoeken. Temeer om dat ik
zelf een voormalig Rooms Katholiek ben, is het zeker niet mijn
bedoeling dit geloof in diskrediet te brengen en/of een Rooms
Katholieke lezer te beledigen. We zullen onszelf beperken tot enkele
van de meest belangrijke verschilpunten die het Rooms Katholieke
geloof onderscheiden van de andere Christelijke groepen:
[1]
Voor de Rooms
Katholiek is het geloof in Jezus het begin van de zondevergeving en
legt de fundatie voor rechtvaardiging. Daarna bouwt de gelovige door
middel van goede daden hierop voort omdat “de
mens God zijn gratie voor rechtvaardiging en eeuwige redding
moet verdienen”. [2] ·
Vagevuur
en aflaten. Katholieken
geloven dat zelfs wanneer ze al het werk doen wat van ze wordt
gevraagd, ze er nog steeds niet zeker van kunnen zijn dat ze
rechtstreeks toegang tot de hemel hebben, omdat ze eerst de straf
voor hun zonden in een “tussenin” plaats, wat het vagevuur wordt genoemd, moeten ondergaan. Dit is een speciale
plaats voor reiniging waar gelovigen geschikt worden gemaakt om de
hemel in te gaan; het is niet als een tijdelijke hel, maar, zo zegt
men, het is een plaats van vreugde of van lijden. Rooms Katholieken
geloven ook dat nog in leven zijnde vrienden of familieleden de tijd
voor overledenen in het vagevuur kunnen inkorten door het aanbieden
van een Mis in hun naam en het doen van goede daden, waarmee aflaten
(“kwijtscheldingen van zonden”) verworven kunnen worden. Een
aflaat kan een gedeeltelijke of zelfs een volledige kwijtschelding
voor elke zonde zijn waarvoor tijdens het leven geen boetedoening is
gedaan. Daarom kan een aflaat de tijd in het vagevuur verminderen of
zelfs geheel voorkomen. De aflaten worden door de kerk beheerd en
kunnen aan de gelovigen worden gegeven of verkocht. Deze laatste
praktijk werd aan het einde van de middeleeuwen wijd en zijd
toegepast en was een van de voornaamste redenen waarom Maarten
Luther initieel in opstand tegen de kerk kwam. ·
De
rol van Maria en de andere heiligen. De
Rooms Katholieken beoefenen verering,
wat inhoudt dat ze aan gecanoniseerde heiligen kunnen bidden,
die bij God voor hun kunnen bemiddelen. Het evangelie van Lucas
noemt Maria begenadigd en gezegend onder de vrouwen. (Lucas:1:28),
maar voor Rooms Katholieken is alleen Maria verheven boven alle
andere heiligen en wordt aan haar superverering (Mariaverering) verleend. Door de eeuwen heen heeft ze
zo’n unieke staat van verering verworven dat de Rooms Katholieke
Kerk onderwijst dat ze haar maagdelijkheid na de geboorte van Jezus
behield en dat ze nooit andere kinderen heeft gebaard. Andere
dogma’s bevatten de onbevlekte
ontvangenis (Maria zou zelf zonder zonde zijn ontvangen en een
zondeloos leven hebben geleid, wat in 1854 als een dogma werd
uitgeroepen) en tenslotte is er de doctrine van Maria’s
Hemelvaart (dat ze
meteen in de hemel werd opgenomen, wat 1950 als dogma werd
uitgeroepen). Rooms Katholieken
wijzen naar Matthëus 16:18-19 als bewijs voor hun aanspraak dat de
Paus de leider van de kerk is: “En
Ik zeg u ook, dat gij zijt Petrus, en op deze petra zal Ik Mijn
gemeente bouwen, en de poorten der hel zullen dezelve niet
overweldigen. En Ik zal u geven de sleutelen van het Koninkrijk
der hemelen; en zo wat gij zult binden op de aarde, zal in de
hemelen gebonden zijn; en zo wat gij ontbinden zult op de aarde, zal
in de hemelen ontbonden zijn.” Volgens de catechismus van de
Katholieke Kerk, stelde Jezus zelf Petrus als de “steen” onder
Zijn kerk aan, gaf hem de sleutels en maakte hem de herder van de
hele kudde. Dientengevolge beweert men dat de Bisschop van Rome
Petrus’ opvolger was die de hoogste autoriteit (primaatschap) over
de hele kerk droeg. Als we echter
nauwkeurig deze passage in de Griekse manuscripten lezen zien we dat
de tekst refereert naar Petrus als “Petros” (wat kleine steen
betekent) en aan “deze rots” als “Petra” (wat hele grote
steen betekent). Vele, zo niet alle vroege kerkleiders geloofden dat
de steen die door Jezus werd genoemd het geloof was dat door Petrus
werd beleden en niet de man zelf. Daar komt nog bij dat het boek van
Handelingen ons inderdaad de belangrijke rol van Petrus in de vroege
jaren van de kerk laat zien, maar dat de tekst ook duidelijke toont
dat hij niet de enige leider van de kerk in Jeruzalem was. Jacobus,
de broer van Jezus, deelde het leiderschap van de kerk met Petrus (Handelingen
12:17 en 15:13) en Paulus erkende heel duidelijk Petrus niet als
“een onfeilbare leider” die Christus hier op aarde
representeerde omdat hij zelfs tegen hem inging in Galatia (Galaten
2:11-14). Petrus was getrouwd (zie Matthëus 8:14) en Pausen worden
verboden om te trouwen. Als de eerste Paus mocht trouwen, waarom
werd dit privilege later van priesters en Pausen afgenomen?
Tenslotte is er geen verifieerbare lijn van opvolging die de schakel
tussen de huidige Paus met Petrus de apostel vastlegd. Behalve de
opvolging van Judas door Matthias (Handelingen 1) is er zelfs geen
enkele situatie bekend waarbij een van de apostelen een opvolger
aanwijst. Het concept
van apostolische opvolging wordt nergens in de Bijbel gevonden.[3] Als een
concluderende uitnodiging aan anderen die, net zoals ik, een Rooms
Katholieke achtergrond hebben: lees alsjeblieft zelf de Bijbel. De
Bijbel is het Woord van God. Het is niet alleen zo dat de Bijbel de
bovengenoemde Rooms Katholieke doctrines niet onderwijst, er staat
ook niets geschreven over voorrechten of zegeningen door priesters,
bisschoppen, kardinalen en Pausen.
[1]
Het volgende overzicht is een samenvatting uit Fritz Ridenour
, So
What’s the Difference (2001), pagina’s 34-50, en een
aantal andere bronnen, waaronder Huston Smits, The
World Religions (1991), pagina’s 346-352. [2] Mario Colacci, The Doctrinal Conflict Between Roman Catholic and Protestant Christianity (1962), pagina’s 140-142, zoals geciteerd door Fritz Ridenour , So What’s the Difference (2001), pagina 43. [3] Norman Geisler , Thomas How, When Critics Ask: A Popular Handbook on Bible Difficulties (1992) pagina’s 347-348 en Fritz Ridenour , So What’s the Difference (2001), pagina’s 37-39.
|
|||||||||||
| Windmill
Ministries - Christelijke Apologetiek - Geloofsverdediging voor het Christendom Home Apologetiek - Sitemap - Over Ons - Steun Ons - Neem Contact Op - Copyright - Boeken - DVDs |